vrieshouse & wintertechno

dgtl_festival

Het is slechts een paar graden boven nul en m’n wangen voelen zó koud dat ik het gevoel heb alsof ik ze flink heb laten botoxen (althans, ik denk dat het zo voelt), maar we hebben de hele winter al binnen gedanst, dus 25 lagen aan en op naar de NSDM-werf. Blijkbaar ben ik niet de enige die zo denkt: voor de pont is het een drukte van jewelste. Als we het dan toch koud krijgen, hebben we in ieder geval elkaar om bij warm te blijven. Fijn.

DGTL heeft het ons niet gemakkelijk gemaakt. De keuze uit 5 tenten is zwaar als overal gelijktijdig dj’s gepland staan die ik heel graag wil zien (Ok ok, ik geef toe: luxeprobleem). Een soort van per ongeluk, maar niet ongewenst, brengen mijn voeten me naar de Audio-tent, waar Oliver Schories zijn gebruikelijke warme emo-techno ten gehore brengt. Het is nog vroeg (16u), maar Oliver voelt de vibe van de in 20.000 Hz. gillende jongen achter me goed aan en mixt ineens een keiharde houseplaat door zijn set. Zelfs Oliver Koletzki is ervan van slag: achter in de dj-booth zie je hem hard broeden op de vraag hoe hij deze gaat aftoppen.

De vroegte weerhoudt een dame gehuld in een iets te strak/bloot outfitje er niet van om zich op een groep mannen te gooien en te besluiten haar tieten een voor een in hun gezicht te duwen. Met succes. Tot een van de vriendinnetjes van de heren tevoorschijn komt en haar verbaal onder handen neemt. Ik bibber – ditmaal niet van de kou – en houd het voor gezien. Tijdens een toiletpauze hoor ik hoe John Talabot een sexy houseset staat weg te geven, dus met mn panty nog half op mn knieën ren ik de Digital binnen. Na een paar dansjes doet Joy O. zijn intrede achter de decks. Geheel in stijl start hij zijn set met een remix van de oude jazz/soulplaat ‘1960 What?’. Wauw! Ik baan me een weg naar voren om te kunnen zien hoe meesterlijk Joy zijn platen aan elkaar mixt en ben van plan nooit meer weg te gaan.

Gezien het feit dat in alle hoeken van de Digital stroboscopen verstopt zijn en mijn brein dit schriklicht niet verdraagt, ben ik voor het eerst vandaag dolblij met mijn 25 lagen kleding, waar ik me continue in kan verstoppen. Ik zou ook naar een andere tent kunnen gaan, maar verkies Joy toch boven Huxley (ondanks grote nieuwsgierigheid omdat ik op z’n minst zijn remix van Elef’s ‘Tales of 88’ geweldig vind). Gelukkig maar, want zo mis ik ook de liveset van Frank Wiedeman van Âme niet. Deze is in een woord briljant! Het is in mijn oren onbegrijpelijk hoe de liveset van Frank en de latere set van zijn ‘wederhelft’ Kristian Beyer mijlenver uit elkaar liggen qua sensatie. Frank vol energie en flow, Kristian zwaar en donker – alsof ik verdwaald ben in een donker hoekje in de Berghain, angstig dat ik per ongeluk dat darkroom in loop. De sfeer wordt grimmiger en mijn gezelschap besluit af te taaien naar Monkey Safari in de Audio, die me langzaam maar heerlijk in slaap sust…

Plusjes: Zoals ik al zei: Joy O, John Talabot, Oliver Schories’ gewaagde ruwe draai aan z’n set, Âme (Frank Wiedeman) live. Ook leuk: Bella Berlin, een kort dansje op wAFF – Jo Johnson (gedraaid door  Hot Since ’82), de organisatie (goed gedaan!), Steven en Ijsbrand die me hebben beschermd tegen de strobo (veel dank, heren!)

Minnetjes: Ok, laat ik een open deur intrappen: de kou. Ik moet zeggen dat de organisatie het bijzonder goed had georganiseerd (zeker bij binnenkomst!) en dat de tenten top waren. Helaas was het wel te koud om even snel van tent naar tent te lopen en dus heb ik de hele dag maar 2 (ok, 2,1 als je de 5 minuten in de Phono bij Hot Since ’82 meetelt) tenten gezien. Ook jammer: het doolhof van hekken en mensenmassa’s op de terugweg naar de pont. Brrrr.